Sterftecijfers

Reinier de Graaf houdt, net als alle ziekenhuizen in Nederland, bij hoeveel patiënten jaarlijks in het ziekenhuis overlijden. Deze gegevens worden gebruikt om het sterftecijfer (HSMR, ofwel Hospital Standardized Mortality Ratio) te berekenen. Het sterftecijfer is een indicator die de werkelijke sterfte in een ziekenhuis afzet tegen de sterfte die op basis van patiëntkenmerken kan worden verwacht. Het rekenmodel probeert zo goed mogelijk te corrigeren voor factoren die de kans op sterfte verhogen, maar niets zeggen over de kwaliteit van zorg. Het gaat dan bijvoorbeeld om leeftijd, geslacht, diagnose, co-morbiditeit en opname-urgentie.

Onze sterftecijfers

Zoals blijkt uit de cijfers scoort Reinier de Graaf een HSMR van 79 over het jaar 2017. Een meer betrouwbaar beeld geeft het sterftecijfer over de jaren 2015-2017, omdat dit cijfer op een hoger aantal patiënten is gebaseerd. Over deze drie jaren is de HSMR ook 79, een score die, net als de HSMR over 2017, positief afwijkt van het landelijke gemiddelde van 100. Dat wil zeggen dat minder patiënten zijn overleden dan van te voren verwacht mocht worden op basis van onze patiëntenpopulatie.

Naast de HSMR worden ook de sterftecijfers per diagnosegroep (SMR, ofwel Standard Mortality Ratio) berekend. De SMR geeft net als de HSMR aan hoe hoog de sterfte in een ziekenhuis is vergeleken met het landelijke gemiddelde, maar dan voor een bepaalde diagnosegroep of patiëntencategorie. De SMR's zijn berekend voor de 157 diagnosegroepen en voor de 17 hoofdclusters van diagnosegroepen. Bekijk op pagina 43 t/m 54 van bijgaand rapport de cijfers 'SMR diagnosegroepen Reinier de Graaf' (Bron: HSMR-rapport 2015-2017 met verdieping naar diagnosegroepen en patiëntencategorieën).

Waar de HSMR betrekking heeft op het gehele ziekenhuis, betreft een SMR juist een specifieke diagnosegroep, zoals patiënten met darmkanker of een beroerte. De SMR’s van vijftig diagnosegroepen bepalen samen de HSMR. In het Reinier de Graaf wijkt geen enkele HSMR significant negatief af van het landelijk gemiddelde.
Geen keuze-informatie

De cijfers zijn nog niet geschikt om ziekenhuizen met elkaar te vergelijken. Aanmerkelijke verschillen in scores blijken veroorzaakt te worden door variaties in ziekenhuisregistraties. Ook wordt bij de berekening van de sterftecijfers geen rekening gehouden met behandelingsbevoegdheden van een ziekenhuis (niet elk ziekenhuis voert alle type behandelingen uit), de samenstelling van de patiëntenpopulatie (de algemene conditie of weerstand van een patiënt kan bijvoorbeeld verschillen) en het ontslagbeleid (worden patiënten bijvoorbeeld doorgestuurd naar een hospice). Dit is van invloed op de HSMR en nog sterker op de SMR’s, omdat deze laatste gebaseerd zijn op kleine en wisselende patiënten aantallen.

Hoe gebruiken wij de cijfers?

Reinier de Graaf heeft een voortrekkersrol gespeeld bij de introductie van de HSMR in Nederland. Al in 2005 maakte het ziekenhuis het sterftecijfer openbaar. Voor Reinier de Graaf is het sterftecijfer een indicator voor onze kwaliteit van zorg. Het biedt ons de mogelijkheid om te kijken waar verbeteringen zijn aan te brengen in onze (zorg)processen. Het sterftecijfer is als indicator daarom nuttig voor interne signalering en wordt gebruikt om nader dossieronderzoek te doen. Hiermee vormen de HSMR en SMR’s naast andere cijfers een structureel onderdeel van ons kwaliteits- en veiligheidsbeleid. Tot op heden is er voor Reinier de Graaf geen aanleiding geweest om op basis van onze sterftecijfers specifieke maatregelen te nemen in de zorg voor onze patiënten.

Meer lezen over sterftecijfers?

Op de site van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen staat een uitgebreide uitleg over de HSMR en SMR’s. Ook staat hier meer informatie over de beperkingen van de registratie. De Consumentenbond geeft in de leeswijzer sterftecijfers ook meer toelichting.