Alvleesklierkanker

De alvleesklier is een langgerekte klier van zo’n 12 tot 15 cm lang en 1 tot 3 cm dik en ligt dwars in de buik. Het begin bevindt zich in de bocht van de twaalfvingerige darm en de staart achter de maag, voor de wervelkolom. Aan de bovenkant ligt de alvleesklier tegen de maag, aan de onderkant tegen de dunne darm. In de alvleesklier worden sappen gemaakt die belangrijk zijn bij de vertering van ons voedsel. Dit sap wordt via kleine afvoerbuisjes die samenkomen tot één grote afvoerbuis (pancreasbuis) afgevoerd naar de twaalfvingerige darm. Daarnaast maakt de alvleesklier hormonen, zoals het insuline- en glucagonhormoon. Deze hormonen hebben een belangrijke rol in het regelen van de suikerstofwisseling en de bloedsuikerspiegel.

De meest voorkomende vorm van alvleesklierkanker is kanker van de afvoerbuisjes. In de kop van de alvleesklier komt vaker een tumor voor dan in de rest van het orgaan. Ook kunnen er tumoren ontstaan die niet uitgaan van alvleesklierweefsel, maar van bijvoorbeeld de papil van Vater, de twaalfvingerige darm of van het onderste deel van de galgang. De tumor kan door de wand van de alvleesklier groeien naar andere organen of grote bloedvaten in de omgeving. Verder kunnen er ook uitzaaiingen optreden. Dit kan in de lymfeklieren of bijvoorbeeld in de lever, buikvlies of longen.

Oorzaak

De oorzaak van alvleesklierkanker is vaak niet duidelijk. Wel zijn er bepaalde omstandigheden bekend die daarbij een rol kunnen spelen. Zo blijkt uit onderzoek dat alvleesklierkanker vaker voorkomt bij mensen die roken en/of veel alcohol drinken en/ of diabetes type 2 hebben. Een chronische ontsteking van de alvleesklier verhoogt ook het risico om alvleesklierkanker te krijgen. Bekend is dat in ongeveer 5% van de gevallen erfelijkheid een rol speelt.

Klachten

De klachten die bij alvleesklierkanker optreden, ontstaan vaak pas nadat de tumor zich al heeft uitgebreid. De tumor zit er vaak al lang voordat iemand daar iets van merkt. Hierdoor wordt de kanker vrijwel nooit vroeg ontdekt. De klachten ontstaan meestal pas als de tumor is doorgegroeid in een ander orgaan of in de zenuwbanen rondom de alvleesklier. De meest voorkomende klachten bij patiënten met alvleesklierkanker zijn:

  • Gewichtsverlies
  • Verminderde eetlust
  • Verstoord ontlastingspatroon
  • Geelzucht
  • Donkere urine
  • Ontkleurde ontlasting
  • Zeurende pijn in de bovenbuik of in de rug

Als u klachten heeft die op alvleesklierkanker  kunnen wijzen, is het verstandig om op tijd naar uw huisarts te gaan. De huisarts luistert naar uw klachten en doet lichamelijk onderzoek. Afhankelijk van uw klachten zal de huisarts u doorverwijzen naar een maag-darm-leverarts of internist in het ziekenhuis voor aanvullend onderzoek.

Diagnose

Wanneer u klachten heeft of wanneer een of meer van bovenstaande symptomen aanwezig zijn, is het belangrijk om zo snel mogelijk duidelijkheid te hebben. Om u deze duidelijkheid te kunnen geven, gebruiken we verschillende geavanceerde technieken:

Laboratoriumonderzoek

De arts zal uw bloed laten onderzoeken.

Echografie

Een echografie is een onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van geluidsgolven. Door middel van een zender in de zogenaamde echokop worden geluidsgolven via de huid naar het te onderzoeken gebied gestuurd. Deze geluidsgolven worden weer teruggekaatst naar de echokop. Vervolgens worden deze golven omgezet in beelden op een monitor waarmee de echokop in verbinding staat. Op deze manier kunnen organen en weefsel worden bekeken en een eventuele tumor kan in beeld worden gebracht.

CT-scan

Dit is een bijzondere röntgentechniek waarbij u heel langzaam door een ringvormige scanner wordt bewogen. Deze scanner maakt veel afbeeldingen van kleine stukjes van het lichaam, een dwarsdoorsnede. Met deze meetgegevens stelt de computer een röntgenfoto samen. De plaats, grootte en uitbreiding van een eventuele tumor kunnen door deze scan in beeld worden gebracht.

Endo-echografie

Een endo-echoscopie is een inwendig onderzoek van de organen van en rondom het maag-darmkanaal met behulp van een endoscoop. Dit is een flexibele slang met aan het uiteinde een echokop. Door de weerkaatsing van geluidsgolven tegen weefsel ontstaat er beeld. Soms wordt tijdens het onderzoek een punctie gedaan. Hierbij wordt wat weefsel weggenomen voor onderzoek door de patholoog.

Aanvullend onderzoek

Het is mogelijk dat de arts aanvullend onderzoek aanvraagt zoals een MRI of een ERCP. Ook is het mogelijk dat er een kijkoperatie van het buikvlies noodzakelijk is.

Behandeling

Er zijn verschillende soorten behandelingen mogelijk bij alvleesklierkanker. Welke behandeling de beste is, hangt af van verschillende factoren zoals de grootte, uitbreiding en plaats van de tumor en het wel of niet aanwezig zijn van uitzaaiingen. Verder spelen uw lichamelijke en geestelijke conditie een rol in de keuze van behandeling. Wanneer een behandeling is gericht op genezen, spreken we van een curatieve behandeling. Wanneer een genezende behandeling niet meer mogelijk is spreken we van een palliatieve behandeling.

De vier belangrijkste behandelingsmethoden om alvleesklierkanker te behandelen zijn operatie, chemotherapie, bestraling en het plaatsen van een buisje (stent). Afhankelijk van het stadium van de tumor wordt er vastgesteld voor welke behandelmethode wordt gekozen. Vaak kan er ook een combinatie van deze behandelingen gegeven worden.

Operatie

Wanneer er geen uitzaaiingen aanwezig zijn en wanneer uit de onderzoeken blijkt dat de tumor operatief te verwijderen is, zal de arts een Whipple-operatie kunnen uitvoeren. Een Whipple-operatie is bij alvleesklierkanker de enige behandeling die kans geeft op genezing. Met de operatie wordt de tumor uit de alvleesklier verwijdert.

Bestraling (Radiothera​pie)

Bestraling is een plaatselijke behandeling waarbij kankercellen geheel of gedeeltelijk door straling worden vernietigd. Als uw arts deze behandeling voorschrijft dan krijgt u specifieke informatie hierover. Meer informatie over radiotherapie

Chemotherapie

Chemotherapie is de behandeling van kanker met medicijnen die de celdeling remmen. De medicijnen heten cytostatica. Als uw arts deze behandeling voorschrijft dan krijgt u specifieke informatie hierover.

Plaatsen van een buisje (stent)

Als er sprake is van geelzucht kan de galafvoer op gang worden gebracht door het plaatsen van een buisje (endoprothese of stent). De stent zorgt ervoor dat de galwegen openblijven en niet worden dichtgedrukt door de tumor. Deze behandeling is geen genezende behandeling, maar is bedoeld voor symptoombestrijding.

Samen beslissen over kanker

Als u kanker heeft, moet u vaak in korte tijd een besluit nemen over uw behandeling. Die behandeling kan ingrijpende gevolgen hebben voor uw leven, zowel op korte als op langere termijn. Om zelf mee te kunnen beslissen over uw behandeling informeert de specialist u zorgvuldig over de mogelijkheden, de gevolgen van de behandeling op uw dagelijkse leven voordat deze samen met u de uiteindelijke beslissing neemt. Weet ook dat u bedenktijd heeft.

Voordat u van de behandelend specialist een advies krijgt voor uw behandeling, wordt uw situatie met de andere specialisten van het behandelteam besproken. Deze specialisten werken intensief met elkaar samen en overleggen wekelijks over alle kankerpatiënten. Gezamenlijk stellen zij een advies voor uw behandelplan op. Meer informatie over samen beslissen krijgt u in deze video

Heeft u vragen?

Neemt u dan contact op met polikliniek MDL/GE Chirurgie op werkdagen bereikbaar van 8.30 tot 16.30 uur op (015) 260 32 20.

Illustraties zijn beschikbaar gesteld door Roche Nederland.

Heeft u vragen?

Neemt u gerust contact op met polikliniek MDL/GE Chirurgie.
Op werkdagen bereikbaar van 8.30 tot 16.30 uur op (015) 260 32 20.

E-mailen kan naar gechirurgie@rdgg.nl

Second opinion?

Twijfelt u over de diagnose of het behandelplan? U heeft het recht om een second opinion aan te vragen.

Informeer naar de mogelijkheden en bel ons op (015) 260 32 20.

 

Handige links

Aanvullende informatie over kanker vindt u op:

Verwijsgids Kanker

Kanker.nl

De invloed van kanker op uw leven