De beste zorg begint met samenwerken

Op de MBU kijken artsen, verpleegkundigen en therapeuten elke dag samen naar wat een kwetsbare oudere echt nodig heeft.

“Ze kwam binnen met hartklachten, een delier en meerdere gezondheidsproblemen. Maar misschien was haar grootste zorg wel hoe het verder moet omdat ze alleen woont.”

Voor een 90-jarige patiënte als zij draait goede zorg om meer dan alleen de behandeling of de juiste medicatie. Wat heeft zij écht nodig? Kan zij nog veilig naar huis? Wie is er straks voor haar als ze het ziekenhuis verlaat? Op de Multidisciplinaire Beschouwende Unit (MBU) van Reinier de Graaf zoeken zorgprofessionals daar samen het antwoord op. Niet ieder vanuit zijn eigen vakgebied, maar gezamenlijk als één team.

Een geriater en een fysiotherapeut in gesprek met een oudere patiënte, die in een stoel bij het raam zit.

Eén team rond de patiënt

Sinds de opening van de MBU eind 2024 krijgen kwetsbare ouderen met meerdere aandoeningen de juiste zorg op de juiste plek. Op de afdeling werken twee vaste kliniekartsen, verpleegkundigen, cardiologen, geriaters en internisten dagelijks intensief samen. Ook fysiotherapeuten, ergotherapeuten, transferverpleegkundigen en zorgorganisaties zoals Pieter van Foreest en de naasten van de patiënt zijn vanaf het begin betrokken.

“Elke doordeweekse werkdag beginnen we met elkaar aan tafel”, vertelt kliniekarts Calvin van Kwawegen. “Iedere discipline kijkt vanuit zijn eigen expertise naar dezelfde patiënt. Daardoor nemen we sneller goede beslissingen. Maar belangrijker nog: we kijken verder dan de medische behandeling alleen.”

Dat maakt een wereld van verschil voor patiënten zoals de 90-jarige vrouw. Terwijl de geriater het delier behandelt en de cardioloog zich richt op haar hartproblemen, kijken de kliniekarts en de verpleegkundige hoe het écht met haar gaat. Is ze angstig? Eet ze voldoende? Kan ze straks nog zelfstandig wonen? Samen met de transferverpleegkundige, thuiszorg en familie wordt gekeken naar de beste plek voor herstel. Soms is dat thuis met extra ondersteuning, soms een revalidatiecentrum of verpleeghuis. De vraag is steeds dezelfde: wat heeft deze ene patiënt nodig?

Leren van elkaar, voor de patiënt

Juist die samenwerking maakt het werk bijzonder, vindt Calvin. “Ik heb echt een passie voor deze afdeling. Iedere dag leer ik van collega’s van andere specialismen. Een geriater kijkt anders naar een patiënt dan een cardioloog of internist. Door die kennis te combineren, komen we sneller tot de juiste diagnostiek, behandeling en begeleiding van de patiënt.”

“Door die kennis te combineren, komen we sneller tot de juiste
diagnostiek, behandeling en begeleiding van de patiënt.”

“Uiteindelijk gaan we met elkaar voor de beste zorg voor die ene patiënt. Daarbij gaan we ook in gesprek met de patiënt om te achterhalen wat iemand écht belangrijk vindt. Soms betekent dit dat de aandacht verschuift van behandelen naar comfort en kwaliteit van leven. Die eigen regie is van belang. Juist die persoonlijke zorg maakt dit werk mooi.”

Ook geriatrie- en regieverpleegkundige Joyce van Schie ziet hoe belangrijk die gezamenlijke aanpak is. “Onze patiënten zijn vaak kwetsbaar en hebben meerdere aandoeningen tegelijk. Ik merk dat zij rust ervaren doordat ze een vast team van verpleegkundigen en kliniekartsen om zich heen hebben. Als verpleegkundige zie je vaak als eerste dat iemand achteruitgaat, verdrietig is of juist behoefte heeft aan iets heel anders dan een behandeling. Omdat sommige patiënten door hun ziekte niet altijd goed kunnen aangeven wat ze nodig hebben, zorg ik dat ik hen goed observeer. Ook familie speelt daarin vaak een belangrijke rol.”

Het werk vraagt aandacht en betrokkenheid. “Veel patiënten hebben spierkracht en conditie verloren en zijn afhankelijk van hulp bij dagelijkse activiteiten. Dat maakt het werk intensief, maar ook bijzonder waardevol.”

Vooruitkijken begint al tijdens de opname

Op de MBU stopt de zorg niet bij de ziekenhuisdeur. Vanaf de eerste opnamedag wordt vooruitgekeken: wat is er nodig als iemand weer vertrekt? Die aanpak voorkomt onnodig lange opnames en zorgt ervoor dat patiënten sneller op de juiste plek verder kunnen herstellen.

Uit onderzoek blijkt dat kwetsbare ouderen op de MBU gemiddeld twee dagen korter in het ziekenhuis verblijven dan vergelijkbare patiënten op een reguliere verpleegafdeling. Niet omdat de zorg sneller moet, maar omdat alle betrokken disciplines vanaf dag één samen optrekken.

Klaar voor de zorg van morgen

Met de vergrijzing neemt het aantal ouderen met meerdere aandoeningen de komende jaren verder toe. Calvin verwacht daarom dat de MBU zal groeien. “Ik denk dat we in de toekomst meer bedden nodig hebben voor deze patiëntengroep. De zorg wordt steeds complexer. Juist daarom is deze manier van samenwerken zo belangrijk. Door onze kennis te bundelen kunnen we iedere patiënt de zorg geven die het beste bij hem of haar past.”

De MBU laat zien hoe Reinier vooruitkijkt. Niet alleen door nieuwe zorg te ontwikkelen, maar vooral door professionals, patiënten, naasten en zorgpartners met elkaar te verbinden. Want de beste zorg ontstaat wanneer iedereen samen kijkt naar wat één patiënt écht nodig heeft.